Participatie bij initiatieven in de leefomgeving: meepraten, meedenken en meedoen

Heeft u een plan of idee – bijvoorbeeld voor uw woning, een nieuw bedrijf of de aanleg van een voedselbos? Dan krijgt u niet alleen te maken met de gemeente, maar ook met uw buren en andere betrokkenen.

De Omgevingswet moedigt aan om betrokkenen al vroeg te betrekken bij uw plannen. Zo weet iedereen wat er speelt en hoort u wat anderen van uw plan vinden. Dat noemen we participatie. Participatie betekent niet dat iedereen het altijd met elkaar eens hoeft te zijn. Wel dat alle betrokkenen gehoord worden en dat er ruimte is om
samen naar oplossingen te zoeken.

Hoe zit het?

We moedigen aan dat u aan participatie doet. In sommige gevallen is het zelfs verplicht: de gemeenteraad heeft een aantal situaties benoemd waarin participatie verplicht is. Het gaat om activiteiten die niet binnen het omgevingsplan passen en waarvoor een vergunning nodig is.  De situaties zijn vastgesteld in het Besluit Participatieplicht omgevingsvergunningen Goeree-Overflakkee

Heeft u een goed idee en wilt u samenwerken met de buurt?

U weet wat u wilt realiseren. Maar welke manier van participatie past bij uw plan? Volg deze stappen om hierachter te komen:
 

1. Breng het initiatief of plan in beeld 

Wat wilt u bereiken met uw plan? Wat is de aanleiding? En voldoet het plan aan wet- en regelgeving? Zorg ervoor dat u uw plan goed in beeld heeft, zodat u weet hoe en waarom u anderen moet betrekken. Zorg er ook voor dat duidelijk is wat uw participatievraag is en welke informatie u nodig heeft voor uw project.

2. Breng de betrokkenen in beeld

  • Wie zijn de mensen of organisaties die wat gaan merken van uw plan? Dat noemen we betrokkenen. Naast directe buren kunnen er meer betrokkenen zijn, zoals de dorpsraad, ondernemers, maatschappelijke organisaties, en zelfs de gemeente. Bij betrokkenen gaat het om een grotere groep dan belanghebbenden. Belanghebbenden zijn juridisch gezien mensen of organisaties van wie het belang rechtstreeks wordt geraakt door een besluit, project of gebeurtenis.
  • Denk goed na over hoe uw plan de omgeving beïnvloedt: gaat het om uitzicht, geluid, geur, of milieu? Hoe groter de impact, hoe meer mensen u erbij moet betrekken.
  • Wees ook voorbereid op mogelijke bezwaren, zoals overlast of verlies van privacy. Het helpt om nu al na te denken over oplossingen en alternatieven.

3. Bepaal het niveau van samenwerken: meepraten, meedenken, meedoen of meebeslissen

Wat kunt u van uw betrokkenen verwachten? Kunnen ze meepraten, meedenken, meedoen, of zelfs meebeslissen?
Bepaal van tevoren hoe groot de invloed is die u wilt geven aan de betrokkenen, en leg dit duidelijk vast. Dit voorkomt misverstanden en teleurstellingen.

  • Meepraten: Betrokkenen kunnen hun mening geven en aandachtspunten delen;
  • Meedenken: Betrokkenen denken actief mee over mogelijke oplossingen of keuzes;
  • Meedoen: Betrokkenen helpen bij de uitvoering of voorbereiding van het plan;
  • Meebeslissen: Betrokkenen beslissen samen met de initiatiefnemer over (delen van) het plan.

4. Groot initiatief? Maak een participatieplan

Is uw plan groot, zoals de bouw van een woonwijk of een bedrijfspand? Dan is het verstandig om een participatieplan op te stellen. In dit plan legt u vast:

  • Wat de participatievraag is;
  • Welke betrokkenen u gaat betrekken;
  • Hoe en wanneer u hen gaat betrekken;
  • Wat u wilt bereiken met de participatie;
  • Wat u gaat doen met de resultaten van de gesprekken.

Ga naast de directbetrokkenen ook in gesprek met andere betrokkenen zoals bijvoorbeeld de hulpdiensten. Dat kan bijvoorbeeld door een informatieavond te organiseren. Het kan helpen om hier ook een wethouder en/of raadsleden voor uit te nodigen. Dit zorgt voor transparantie en vertrouwen.

5. Klein initiatief: Ga in gesprek met de buurt

Is uw plan kleiner, zoals de bouw van een schuur of woning? Begin dan met een gesprek met de directe buren. Nodig de mensen uit voor een gesprek of ga de deuren langs. Geef ze alvast informatie zodat ze er in alle rust over kunnen nadenken en zich kunnen voorbereiden. Een brief kan ook helpen. Zorg ervoor dat u hen regelmatig op de hoogte houdt van de voortgang van het plan. Soms is het nodig om betrokkenen op verschillende en meerdere momenten te betrekken. Dat is afhankelijk van het plan.

6. Leg elk contactmoment vast

Het is belangrijk om elk contactmoment goed vast te leggen. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een gespreksverslag. Denk daarbij aan ideeën, opmerkingen, bezwaren, zorgen en gemaakte afspraken.
U deelt het gespreksverslag met de betrokkenen. Als een betrokkene aangeeft niet akkoord te gaan met het plan, dan kunt u uitleggen wat het vervolg van de procedure is. Omwonenden en andere belanghebbenden kunnen eventueel bezwaar maken of beroep instellen tegen bouwplannen. Dat gebeurt in de formele (vergunning)procedure. 

7. Vraag een omgevingsvergunning aan

  • Heeft u alle betrokkenen gesproken?
  • Wat waren de reacties van de betrokkenen?
  • Waren er bezwaren of spanningen?
  • Welke aanpassingen heeft u op basis van de gesprekken gedaan?

    De gemeente beoordeelt uw aanvraag op basis van de inhoud, maar ook op de manier waarop u participatie heeft toegepast.

8. Houd betrokkenen op de hoogte

Ook nadat uw omgevingsvergunning is goedgekeurd, is het belangrijk om betrokkenen op de hoogte te houden van de voortgang van uw plan. Laat hen weten wanneer de werkzaamheden beginnen, hoe lang ze duren en wat ze kunnen doen bij overlast of klachten. Dit zorgt voor open communicatie en blijft het vertrouwen in uw plan versterken.

Voorbeeldbrief participatie

Aan: 
Adres en postcode
Mail/telefoonnummer
 

Datum:

Onderwerp: [invullen]

Beste [buren / buurtbewoners / bewoners van adres xx],

Ik ben [naam] en woon aan de [adres] en ik wil het volgende aan u voorleggen.

[plan beschrijven en achtergrond]

Voor ik met mijn plan naar de gemeente ga, wil ik graag weten hoe u over dit plan denkt:

  • Vindt u het ook een goed idee?
  • Heeft u bezwaren tegen dit plan? Zo ja, welke?
  • Ziet u liever een andere functie?
  • Heeft u andere opmerkingen of aanvullingen?

Wilt u zo vriendelijk zijn om uw antwoord vóór [datum] bij mij in de brievenbus te doen? U mag mij ook mailen. Mijn adres en e-mail staan bovenaan deze brief.

Vervolg
Ik verzamel alle reacties uit de buurt en vraag vervolgens aan de gemeente wat de mogelijkheden zijn. Laten we daarna een keer bij elkaar komen om het plan verder uit te werken.

Bedankt en vriendelijke groeten,

Naam en handtekening